Stappenplan beleid bij allergie

Bij vermoeden geneesmiddelallergie stelt de arts zelf op schrift:

  • de voorgeschiedenis aan geneesmiddel-allergie (symptomatologie, geneesmiddel en tijdsrelatie).
  • inventarisatie van gebruikte geneesmiddelen van de afgelopen 3 weken met opgave gebruiksduur (Uitzondering: bij SJS / TEN noteer de geneesmiddelen van afgelopen 8 weken, bij DRESS de afgelopen 12 weken,  bij operatie alle middelen voor, tijdens en vlak na operatie).
  • beschrijving van de allergische reactie: begin, evolutie, aard huidafwijking (evt. met hulp van dermatoloog), effect antiallergische therapie en/of staken medicatie.
  • reeds verricht allergologisch onderzoek. Eventueel neemt de behandelende arts contact op met allergoloog of dermatoloog voor diagnostiek.
  • Klinische benadering bij voorgeschiedenis van penicilline allergie is afhankelijk van de snelheid en de ernst van de reactie

Bij directe acute reactie:

  1. Kies alternatief antibioticum (zie hieronder).

Indien geen alternatief, dan eerst diagnostiek (huidtest; in overleg met allergoloog/dermatoloog):
   neg: proefbehandeling.
   pos: desensitisatie.

Bij vertraagde uitgestelde type IV reactie:

  1. Aard reactie ERNSTIG:   Cefalosporine of alternatief (zie hieronder).
  2. Aard reactie MILD:          Bij een milde type IV reactie is ook proefbehandeling zonder voorafgaand diagnostiek te overwegen. Bij twijfel kies alternatief antibioticum (zie hieronder).    

 

Indien geen alternatief, dan eerst diagnostiek (huidtest; in overleg met allergoloog/dermatoloog):
   neg: proefbehandeling.
   pos: desensitisatie.

Bij alle reacties op antibiotica (maar in het bijzonder penicilline allergie), en de verwachting dat dit type antibiotica wel nodig is in de toekomst, overweeg poliklinisch consult dermatoloog/allergoloog. Een groot deel van de allergieën (in het bijzonder de penicilline allergie) wordt namelijk onterecht geclassificeerd als allergie.

Alternatieve antibiotica

Omschrijving: uitgaand van verdenking penicilline allergie

Aanwijzingen voor directe acute reactie: 

  • Gebruik niet toegestaan:
    alle β-lactam antibiotica: dit zijn alle penicillinen, 1e en 2e generatie cefalosporinen, carbapenems (imipenem, meropenem), behalve aztreonam. 

NB. De kans op kruisallergie met 1e en 2e generatie cefalosporines is alsnog zeer klein (1%)
NB. bij dwingende reden tot gebruik β-lactam antibiotica: overleg consulent infectieziekten over alternatief antibiotica, en/of overleg dermatoloog/allergoloog ivm desensitisatie. 

  • Gebruik toegestaan: niet- ß-lactam antibiotica, aztreonam (in overleg consulent infectieziekten!), overige cefalosporines 3e, 4e, 5e generatie.

Vertraagde/uitgestelde type IV reactie

  • Gebruik niet toegestaan:
    alle breed- en smalspectrum penicillines en hun combinatiepreparaten (o.a. penicilline G, amoxicilline, amoxicilline/clavulaanzuur, flucloxacilline, piperacilline/tazobactam)
  • Gebruik toegestaan:
    in overleg met consulent infectieziekten of arts-microbioloog: alle cefalosporinen carbapenems, aztreonam en niet ß-lactam antibiotica.